Ruim baan voor ‘Zaalvoetbalkoning’ Aad Siera

Gisteravond is Aad Siera onder grote belangstelling toegesproken voor zijn ‘oeuvre’ als Zaalvoetbalkoning van Leiden. Na 38 jaar heeft hij er gedwongen de brui aan gegeven. Het verhaal daarachter is bij iedereen zo zoetjes aan wel bekend. In een gemoedelijke sfeer werd Aad toegesproken door een van zijn opvolgers en vervolgens nam wethouder Paul Dirkse het woord om Aad nog meer emotie te bezorgen. Een staande ovatie werd zijn deel en hoewel Aad niet zo van ‘in de schijnwerpers’ is, genoot hij uiteindelijk met volle teugen.

Lees hieronder de tekst vanuit het Leidsch Dagblad van de hand van niemand minder dan Loman Leefmans, wie kent hem niet..

Hij werkte onder meer met daklozen, was jarenlang sportverslaggever bij deze krant, en hij had een hele reeks baantjes als vrijwilliger. Maar Aad Siera (61) maakte in Leiden vooral naam als zaalvoetbalorganisator, sinds 1983. Daarom was het sportwethouder Paul Dirkse die hem donderdagavond kwam verrassen met de Cornelis Joppenszprijs, de onderscheiding voor stadgenoten die zich buitengewoon verdienstelijk hebben gemaakt. ,,Hij zorgde voor sport, beweging, lol en lachen’’, aldus de wethouder.

Siera zette begin jaren tachtig de Leidse werklozencompetitie op in de Groenoordhal en die werd opgevolgd door een reguliere, wilde wedstrijdenreeks voor bedrijfs- en vriendenteams. Die competitie verhuisde rond de eeuwwisseling naar sportcomplex De Zijl aan de Paramaribostraat.

Daar werd Siera ook verrast door de wethouder en het beeldje dat bij de prijs hoort. Door een ernstige spierziekte stopte de regelneef vorig jaar noodgedwongen met de organisatie. Dat was het moment voor het stadsbestuur om de ’zaalvoetbalkoning’ te eren voor de afgelopen 38 jaar. Gevleid, geëmotioneerd maar ook onderkoeld nam hij het laatste woord. ,,Die onderscheiding; waarom ook niet.’’

En uiteraard horen daar plaatjes bij, dit met dank aan ‘Leidse glibber’ Emile van Aelst